Epidemiologie / Virologie / Immunologie
Een andere Foucaultiaanse vraag: wat is de geschiedenis de epidemiologie?
Als ik het goed begrijp (en mijn bron is hier slechts Wikipedia): de epidemiologie verschilt van de virologie. Virologie gaat over virussen en hun gedrag. Als discipline snijdt het de biologie en microbiologie (omdat virussen 'leven' in biologisch leven). Epidemiologie bestudeert de verspreiding van virussen op populatieniveau. Het heeft snijvlakken met de virologie en etiologie (maar het is niet in eerste instantie curatief, maar preventief) en snijdt met de sociale wetenschappen. Zoals Wikipedia stelt "Statistische analyses van vaak grote databestanden zijn daarbij een belangrijk hulpmiddel."
Beide takken van wetenschap tonen (natuurlijk) inhoudelijke verwantschap wat betreft onderwerp (beiden gaan over virussen), maar grote verschillen wat betreft het wetenschappelijke paradigma waarin ze werken. De virologie blijft een medisch-biologische wetenschap. Het vocabulaire van de de viroloog is lichamen, symptomen, oorzaken, gevolgen, etc. Het werkt in termen van 'correct' en 'foutief.' Het stelt vast. Terwijl de epidemiologie een statistische-probabilistische logica hanteert. Het denkt in termen van waarschijnlijkheid. Het analyseert geen lichamen maar stelt modellen op
Als 'conceptueel personage' / persona zijn de viroloog en de epidemioloog radicaal verschillend. De viroloog is de medicus. De specialist. De dokter (witte jas). Het blijft, zoals Foucault al stelde in de Geschiedenis van de Waanzin een figuur die wijsheid belichaamt en advies brengt.
De epidemioloog - zeker in zijn hoedanigheid van 'meestermodelleur' (zie de post hieronder)- is een ander figuur. Zijn kennis is niet van hem. Hij belichaamt geen inzicht, bezit niet over een scherpe blik die diagnostiseert. Zijn kennis is volledig geexternaliseerd en gemathematiseerd en zit in het model.
De epidemioloog / modelleur heeft ook een andere relatie tot zijn / haar kennis. Waar de ouderwetse arts nog steeds een imaginair-narcistische houding kan hebben tot zijn / haar expertise, waardoor het voor ons nog steeds de figuur van overdracht is - de arts is de ultieme subject-supposed-to-know - daar ontbreekt heeft de modelleur een veel minder narcistische relatie tot kennis, omdat hij / zijn marginaal is t.o.v. de kennis die hij / zijn overdraagt (die namelijk in het model zit, en niet in de modelleur).
Het gevolg is dat de modelleur voor ons geen overdrachtsfiguur is.
Neem de hoofdmodelleur van het RIVM, Jacco Wallinga:
Geen baard. Geen scherpe-geruststellende-zorgzame blik. Geen Witte Jas. Geen arts (eerder: betrouwbare accountant). In de politiek-medische fantasie speelt de modelleur niet de rol spelen van de arts.
Jaap van Dissel daarentegen: viroloog, geneeskundige. Baard. Vaderlijk. Betrouwbaar.
Tegelijkertijd: wat we nu zien - en wat verborgen blijft: de overgang van de viroloog naar de epidemioloog.
Als ik het goed begrijp (en mijn bron is hier slechts Wikipedia): de epidemiologie verschilt van de virologie. Virologie gaat over virussen en hun gedrag. Als discipline snijdt het de biologie en microbiologie (omdat virussen 'leven' in biologisch leven). Epidemiologie bestudeert de verspreiding van virussen op populatieniveau. Het heeft snijvlakken met de virologie en etiologie (maar het is niet in eerste instantie curatief, maar preventief) en snijdt met de sociale wetenschappen. Zoals Wikipedia stelt "Statistische analyses van vaak grote databestanden zijn daarbij een belangrijk hulpmiddel."
Beide takken van wetenschap tonen (natuurlijk) inhoudelijke verwantschap wat betreft onderwerp (beiden gaan over virussen), maar grote verschillen wat betreft het wetenschappelijke paradigma waarin ze werken. De virologie blijft een medisch-biologische wetenschap. Het vocabulaire van de de viroloog is lichamen, symptomen, oorzaken, gevolgen, etc. Het werkt in termen van 'correct' en 'foutief.' Het stelt vast. Terwijl de epidemiologie een statistische-probabilistische logica hanteert. Het denkt in termen van waarschijnlijkheid. Het analyseert geen lichamen maar stelt modellen op
Als 'conceptueel personage' / persona zijn de viroloog en de epidemioloog radicaal verschillend. De viroloog is de medicus. De specialist. De dokter (witte jas). Het blijft, zoals Foucault al stelde in de Geschiedenis van de Waanzin een figuur die wijsheid belichaamt en advies brengt.
De epidemioloog - zeker in zijn hoedanigheid van 'meestermodelleur' (zie de post hieronder)- is een ander figuur. Zijn kennis is niet van hem. Hij belichaamt geen inzicht, bezit niet over een scherpe blik die diagnostiseert. Zijn kennis is volledig geexternaliseerd en gemathematiseerd en zit in het model.
De epidemioloog / modelleur heeft ook een andere relatie tot zijn / haar kennis. Waar de ouderwetse arts nog steeds een imaginair-narcistische houding kan hebben tot zijn / haar expertise, waardoor het voor ons nog steeds de figuur van overdracht is - de arts is de ultieme subject-supposed-to-know - daar ontbreekt heeft de modelleur een veel minder narcistische relatie tot kennis, omdat hij / zijn marginaal is t.o.v. de kennis die hij / zijn overdraagt (die namelijk in het model zit, en niet in de modelleur).
Het gevolg is dat de modelleur voor ons geen overdrachtsfiguur is.
Neem de hoofdmodelleur van het RIVM, Jacco Wallinga:
Geen baard. Geen scherpe-geruststellende-zorgzame blik. Geen Witte Jas. Geen arts (eerder: betrouwbare accountant). In de politiek-medische fantasie speelt de modelleur niet de rol spelen van de arts.
Jaap van Dissel daarentegen: viroloog, geneeskundige. Baard. Vaderlijk. Betrouwbaar.
Tegelijkertijd: wat we nu zien - en wat verborgen blijft: de overgang van de viroloog naar de epidemioloog.

Reacties
Een reactie posten